“Mozart is voor slimme mensen”


2016-10-06-10-13-45-1Dat zei ik tegen mijn zeer gewaardeerde collega, toen ik hem van repliek diende. Ik had net vol plezier over mijn
voorgenomen concertbezoek verteld en zijn uitdagende opmerking hierover smeekte om een genadeloze rechtzetting. Straks vertel ik hier meer over.

Nu het zomerseizoen voorbij is en de mooie buitenoptredens inmiddels een zonnige herinnering zijn geworden, is het tijd weer naar binnen te gaan. Dat treft, want oktober begint koud en daarmee het juiste moment terug te keren naar mijn muziekhuis in Eindhoven. Met Haydn en Mozart op het programma is ook de muziek een welbekend warm bad. Eerst Haydn’s Symfonie 95, zoals ik al eens eerder zei over zijn composities: teder, verzorgd vakmanschap en soms verrassend. Met zowel een verwijzing naar Händel als een prachtige buiging in de laatste strofen naar Mozart’s Jupiter een passende opmaat naar de andere werken van deze avond. Ook nu bereidt Haydn de weg voor Mozart voor.

Dan volgt het 18e Pianoconcert van Mozart. De setting was prachtig, het orkest was rondom de vleugel opgesteld en de pianist was tevens de dirigent. Zoals het vroeger ging. Het tweede deel, Andante, van dit pianoconcert was echt ontzettend mooi. Het telkens weer terug laten komen van het thema, elke keer anders. Triest, welnee, vol emoties dat wel. Echt een compositie die je als een klap in je gezicht raakt met mooie gevoelens. Misschien gek, ik werd er eerder vrolijk van. Na de pauze Mozarts 41e en laatste symfonie. Bekender geworden onder de naam Jupiter, deze bijnaam is te danken aan het marskarakter aan het begin en de krachtige inzet van pauken en trompetten. De Finale is ongelooflijk knap gecomponeerd, Mozart speelt met zes thema’s en laatste deze op- en afkomen om ze dan samen te brengen in een coda. Zo slim gedaan en alweer prachtig. Goed vertolkt door Philharmonie Zuidnederland onder leiding van Howard Shelley.

Terug naar het begin. Als goedwillende pianoamateur weet ik hoe mooi de sonates van Mozart klinken en meteen hoe moeilijk ze zijn, de ogenschijnlijke eenvoud is bedrieglijk. Glenn Gould had er niets voor niet moeite mee. Maar dat maakt Mozart nog niet voor slimme mensen. Wat dan wel? Wat mij altijd opvalt is dat Mozart niet zegt hoe je je moet voelen. Nee, hij leidt je rond in zijn huis en als je denkt te weten waar je bent, trekt hij een deur, of was het nou een kastdeur, open. Waar ben je dan nu? Het zijn deze verrassingen met noten, tonen en klanken die tegen je verwachtingen ingaan. Het zijn deze “claire obscures” die perspectief geven. Het is geen chaos, nee hoor. Mozart wist heel goed wat bij deed en had er plezier in ons op het verkeerde been te zetten. In goed hedendaags Nederlands, hij hield van mindgames. De verbanden die hij legt tussen traditionele compositieleer, composities van anderen en zijn eigen inventiviteit zet de hersenen van een toehoorder enorm in werking. Wie weet, slaagt hij er in de verbinding tussen beide helften verbeteren. Een componist die zo slim en geniaal bezig is, is een bron van inspiratie en in staat om mensen te prikkelen en uit te dagen. Daarom is Mozart voor mij voor slimme mensen. Al was het alleen maar omdat ik op zijn muziek mijn bul heb behaald, heus!

Een gedenkwaardig concert in Margraten


2016-09-04-20-02-24Het is al weer bijna een week geleden dat ik op de Amerikaanse begraafplaats in Margraten was voor het jaarlijkse Liberation Concert, uitgevoerd door Philharmonie Zuid. Omdat het voor de tiende keer was, hadden ze dit keer een afwijkend en spannend programma. Ik had er, zo gezegd, zin in. Na de woorden van de hoogwaardigheidsbekleders, de volksliederen (hallo mensen, waarom zingen jullie niet mee?) ging de muziek meteen door naar Dvorak’s Amerikaanse Suite. Wat ik een heel passend stuk vond om mee te beginnen. Van Dvorak is bekend dat hij veel heimwee had toen hij in New York woonde en inderdaad zullen veel soldaten dat ook gehad hebben toen ze ruim 70 jaar geleden in Europa voor onze vrijheid vochten. Maar ook zijn mooie harmonieuze stijl paste bij de locatie en de herdenking.

Copland’s Appalachian Spring was de volgende op de rol. Balletmuziek, geschreven tijdens WOII, over een jong getrouwd stel dat hoop en ambitie heeft en uitdagingen weet te overwinnen. De Appalachen waren lange tijd een onoverkomelijke hindernis voor de Amerikaanse kolonisten maar uiteindelijk wisten ze die toch te slechten. Zou hij dat er ook mee bedoeld hebben. Stond dat koppel symbool voor de Amerikanen en hun tocht naar het Westen? Hun doorzettingskracht, hun geloof in een goede afloop? Hoe dan ook het is prachtige muziek, bijna filmmuziek. ik zie huifkarren door modderpaden rijden en andere beelden die bij de kolonisten horen. Een stuk met veel emoties, angstig en dreigend maar ook momenten vol gelukzaligheid.

Het laatste werk was het Dona Nobis Pacem van Vaughan Williams, een meerstemmige cantate. Anderhalf jaar geleden had ik het prachtige tuba concert van dezelfde componist gehoord en dus had ik grote verwachtingen. Eerlijk gezegd kon ik me geen betere plek bedenken om zijn Dona Nobis Pacem voor het eerst te horen. Temidden van de duizenden slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog werden we weer op de waanzin en onzin van een oorlog gewezen. De tekst is grotendeels van Walt Whitman, een Amerikaans dichter voor wie democratie de basis van alles is en die stelde dat zijn gedichten “licht als vogels in de lucht” moesten zijn. De klanken van de oorlog werden akelig goed vertolkt, het geweld, de schrille angsten, de smeekbede om vrede, de talloze slachtoffers, het verdriet en de vraag waarom.

Ja, waarom eigenlijk altijd die oorlog? Alle kunstenaars van deze wereld hebben al zo vaak op prachtige wijze de onzin van oorlog laten zien en toch komt er telkens weer een nieuwe. Alsof we van de laatste dan niets geleerd hebben. Hoe prachtig de muziek of hoe sterk de waarschuwing, de compositie van Vaughan Williams dateert van 1936, het gebeurde toch weer. Maar misschien moeten we klein beginnen. Misschien is het onze opdracht te leren andermans mening te respecteren, te accepteren dat mensen een verschillende mening mogen hebben, ophouden te oordelen. Dat je vrienden ook andere keuzes mogen maken dan jijzelf en dat delen mooier is dan hebben. Leren ook een ander een fijn leven te gunnen en ons te realiseren dat politici met extreme meningen weinig goeds hebben voortgebracht in het verleden en waarom dan nu wel? Is dat een idee?

 

Een wild aquarium in Weert


Iedere week ga ik zwemmen en elke keer weer moet ik denken aan het Carnival des Animaux. Saint Saëns schildert in zijn dierencarnaval een idyllisch beeld van het leven in een aquarium, mijn zwembad dus. Zo lichtvoetig en iedereen houdt rekening met elkaar. Nou nee hoor, dat valt best mee. Steeds maak ik gek dierengedrag mee.

Na een korte introductie onder de douche loop ik als een leeuw naar het bad en nadat ik in de andere baden de kinderen als hennen en hanen heb horen springen en zingen, ga ik galant te water. De badmeesters nemen de rol van ezel op zich en ik kies de vrije ruimte en ga baantjes trekken. Voor de goede orde en het verdere verloop van dit verhaal:  ik ben natuurlijk de ideale badgast 😉 En wat kom ik dan tegen als ik zwem?

  • Schildpadden: Liefst gezamenlijk en naast elkaar zwemmend midden in de baan, in een tempo waarmee ze alle andere badgasten hinderen. Maar aan de kant gaan, ho maar.
  • Olifanten: nou die trof ik deze week in het buitenbad. Wat een plezier, geplons en behoefte aan ruimte. Ik er met een grote boog omheen, dat spreekt.
  • Kangoeroes: Ook het liefst samen zwemmend, maar dan met veel tempo en levenslust en indien mogelijk met bal. Voor hen is het belangrijk dat ze zoveel mogelijk water verplaatsen. Dus voor de andere badgasten, pas op er komt weer een spetteraar aan.
  • Mensen met lange oren: Elke keer om hetzelfde tijd te water, dezelfde tijd eruit, zelfde baan en inderdaad altijd hetzelfde tempo. Niet te snel, maar niet aan de kant gaan, want ik heb mijn eigen baan. Gelieve niet in te halen want dat wordt niet op prijs gesteld. Hmm, jammer dat is nu juist net zo leuk.
  • Haan: dat is dan toch die sportzwemmer die traint maar ook wil dat iedereen ziet hoe goed dat wel niet gaat en hij dus is.
  • De voliere: dat zijn de geluiden van het kinderbadje, de kinderen kwetteren dat het een lieve lust is.
  • Fossielen: Rustig rondzwervend in het zwembad, dan weer naar links, dan weer naar rechts, dan weer snel, dan weer niet. Heel gezellig, als je met ze mee zwemt tenminste.
  • De zwaan: prachtig zwemmend in een majestueus ritme, met een mooie verzorgde slag en een jaloers makend uithoudingsvermogen.
  • Finale: die is voor mij persoonlijk. Elke keer probeer ik weer mijn eigen finale aan het zwemmen te breien. Dus ja, de laatste baantjes zijn sneller en uitputtender, even de laatste energie eruit persen en dan naast het bad bijkomen.
  • Pianisten: die ontbreken, maar dat ben ik zelf als ik moe maar voldaan thuiskom en dan mijn vingers aan het werk zet en een ander carnaval creëer.

Ballet in Centre Céramique


Het Orlando Festival is “like a box of chocolates”. Gisteren luisterde ik naar een pianist en violist die tijdens hun optreden een opmerkelijke bonbon wisten te presenteren en dat allemaal in de open akoestiek van het Centre Céramique. Voor mij toch een kathedraal met boeken.

De uitvoering begon met Beethoven’s Sonate voor piano en viool, nr. 5 op. 24, maar daarin zat voor mij geen enkele verrassing of voldoening. Het tweede werk was de Sonate voor viool en piano nr. 2 van Ravel, dit klonk al een stuk beter. De toegift was prima, maar de enige praliné was de “Suite italienne”.

De opzet van een suite is een reeks van dansen in dezelfde toonsoort. Dat verklaart misschien waarom Stravinsky voor deze compositie teruggreep op zijn eigen ballet “Pulcinella” dat weer geïnspireerd was op muziek van Pergolesi. Toen-dus-en-want, het is een stuk dat soms  eenvoudig klonk maar het zeker niet was. Heerlijk het verrassende plot dat een spanning bij je teweeg brengt omdat je niet weet wat je kan verwachten maar het zeker wel wil weten. Een werk vol tempowisselingen en onregelmatige ritmes, vreemde noten, gekke technieken en asymmetrische accenten.

Kortom het was  de prachtige uitvoering van Stravinsky’s “Suite italienne” die indruk op me maakt. Het mooie samenspel resulteerde in onverwachte klanken en Caroline Kaart zou gezegd hebben: “trek de dansschoentjes maar weer aan”.

Russisch bad in Sittard


Dit weekend stond mijn vizier gericht op het Orlando Festival. Op hun website zag ik dat er een optreden gepland stond in Sittard en als oud-inwoner wilde ik hier graag naartoe. De locatie was mij onbekend, terwijl ik toch negen jaar in deze stad heb gewoond. Vaak langsgefietst, dat dan weer wel. In ieder geval, op zondagmiddag stapte ik het prachtige Mariapark-complex aan de Oude Markt binnen. Neogotiek zo goed bewaard gebleven met prachtige details en mooie bedankteksten van gelovigen, wat een mooie plek voor een klassiek optreden.

Het optreden werd verzorgd door het Life Quartet, een kwartet van Russische Masterclass studenten. Zodra ze begonnen te spelen, voelde ik het. Het was tijd me weer eens lekker onder te dompelen in klassieke muziek. Ook al waren de eerste tonen van het strijkkwartet soms wat verrassend. Het eerste stuk was namelijk het Dissonanten Kwartet van Mozart (KV465), een complex werk dat netjes werd gespeeld maar niet echt los kwam. Soms vroeg je je af of het wel een dissonant was die je hoorde.

tch bosHet tweede stuk was van Tchaikovsky, niet mijn favoriete componist, maar dat is misschien wel de schuld van de film-vertolking van Richard Chamberlain. De Liturgische Mis vind ik prachtig en vanaf nu hoort het Strijkkwartet nr. 2 op. 22 hier ook bij. Dit stuk componeerde hij in Moskou. Destijds trok hij veel op met nationalistische componisten,  folklore en volksmelodieën zullen hem ongetwijfeld geïnspireerd hebben.

De strijkers vlogen er in ieder geval met veel energie in, alsof de heimwee naar hun land ze inspireerde en al snel zat ik op het puntje van mijn stoel en genoot. Ik voelde de energie mijn rug en armen prikkelen en liet me meevoeren met de muziek. Ik zag de welbekende Russische bossen en rivieren voor me, voelde de onrust van oorlog en verlangde net zoals de componist naar vrede, zag mijn eigen wereld voor me en keerde weer terug bij de bossen, zie ik daar nu een beer? Na de heerlijke uitgesproken finale was ik blij maar ook teleurgesteld want het was al voorbij.

Mijn tip voor jullie, ga a.s zondag genieten in het openlucht theater in Valkenburg van het Life Quartet want dan spelen ze dit strijkkwartet nog een keer.

 

Een mus onder Valkenburgs bladerdak


Afgelopen zondag zat ik tot mijn grote plezier in het openluchttheater in Valkenburg om daar van de muziekvoorstelling “Vive Piaf” te genieten. Want als we het dan toch over klassiekers hebben, Edith hoort hier zeker bij. Tot deze middag was ik me er niet van bewust hoeveel invloed Edith Piaf heeft gehad op de muziek. Zo hoorde ik de “Aan de Amsterdamse grachten” voorbij komen.

Het theater zelf is inmiddels 100 jaar oud, getekend door architect Cuypers, die erin slaagde van de “Heksenkeuken” een podium met tribunes te maken. Het heeft meer en minder glorieuze jaren gekend en is nu weer een mooie locatie. Een plezierige plek om in de buitenlucht, met poncho’s beschermd tegen de regendruppels, naar muziek te luisteren.

2016-07-31 17.47.55Vandaag was dat dus Nadja Filtzer die met begeleiding aan de hand van de liederen het levensverhaal van Edith Piaf vertelde. Al bij de eerste toon hoorde ik dat het meer zou zijn dan dat. Nadja en musici lieten al snel blijken de gevoelige snaar te kunnen raken en dat beviel me wel. Als ik eerlijk ben moet ik bekennen dat ik van Edith Piaf niet zoveel weet. Ik heb veel geleerd. Over het begin van haar carrière, haar gat in de hand, de truien die ze haar minnaars breide, maar vooral het drama in haar leven, de moeilijke start, de zoektocht naar de liefde en de mooie muziek die ze heeft gemaakt.

Het meest aangrijpende moment van de voorstelling, was het geluidsfragment waarin werd verteld over het vliegtuigongeluk waarin Marcel, de grote liefde van Edith Piaf kwam te overlijden, waarna Ne Me Quitte Pas werd gezongen. Nou dat raakte een paar snaren. Alles bij elkaar was het een mooie voorstelling, de levenslust van Edith Piaf en haar rauwe karakter werden goed overgebracht en uiteraard werden liederen als Milord, Non, Je ne Regrette Rien, Padam Padam en La Vie en Rose gespeeld. Ik kende toch meer van haar muziek dan ik dacht. Sommige liederen werden in het Nederlandse gezongen en dan bleek de Amsterdamse toonval van Nadja, leuk.

De volgende afspraak in de open lucht is het Orlando Festival, ik verheug me er al op.

Vinylfreude in Wien


Een tijdje geleden mijmerde ik nog over Wenen, de vele mooie muziek en mijn favoriete café aldaar. Welnu, ik ben er weer geweest en wat was het leuk. Samen met mijn geliefde Christel (alias Kik) hebben we aan het Weense infuus gehangen. Alle operahuizen waren gesloten en daarom gingen we op zoek naar andere vormen van muziek. De beste bron bleek de vele LP-winkels in het 7. Bezirk “Neubau”. Temidden van talloze hippe winkels die producten aanboden waar ik allang niet meer aan gedacht had, of had gezien of in een setting die toch echt weer anders is dan toen.

Het werd me langzaam duidelijk. De 70’s zijn weer helemaal terug, de kleuren, kleding, de meubels en de muziek. Als je goed naar de muziek uit die tijd luistert, valt je op hoe goed die was. Je kan de beste bands vergelijken met strijkkwartetten. Toewijding, vakmanschap, originaliteit, anders denken, allemaal prachtige elementen uit die tijd. Dus deze keer niet naar klassieke muziek geluisterd maar naar klassiekers uit de 70’s. Mijn platenverzameling is er een stuk uitgebreider en kleurrijker door geworden.

De oogst van Wenen: Tot mijn grote vreugde heb ik nu weer een goed exemplaar van Neil Diamond’s “Hot August Night”. “Hello to all those treepeople out there”, wat een juweel is die dubbelaar toch. Of disco-dansen op de soundtrack van Saturday Night Fever, “Stayin Alive”. Voor de vrolijke noot, de Duitse schlagers uit die tijd zijn beter dan je denkt. Freddy Quinn of Heino? Laat maar komen. Ligt je voorkeur meer in Frankrijk, Dalida met “Paroles, Paroles.”

Dus-toen-en-want, het Weens-infuus bleek heel voedzaam. Om de tijdreis te completeren gingen we langs bij Prückel. Typische bediening, lekkere Wienerschnitzel en de pianiste speelde evergreens uit … natuurlijk de 70’s, genieten dus.